De reus en de kabouter

Een speler wordt aangewezen als de reus. De reus zit in zijn huis. Alle andere spelers zijn kaboutertjes en zij zitten in een kring. Dat is hun huis. In de kring is een kleine opening, dat is de deur.

De reus komt uit zijn huis en komt naar het huis van de kaboutertjes. De reus belt aan en vraagt dan “kaboutertjes, komen jullie buiten spelen?". Alle kaboutertjes roepen “Nee!!!".

De reus gaat naar huis en gaat liggen en slapen. Dan wordt een kaboutertje aangewezen. Hij loopt door de deur van het kabouterhuis naar het huis van de reus. Het kaboutertje belt aan en doet de deur open. De kabouter vraagt dan “Reus, kom je buiten spelen?". Er gebeurt niets. De reus slaapt door. Pas als het kaboutertje op de neus tikt van de reus, wordt de reus plotseling wakker en probeert hij het kaboutertje te tikken. Het kaboutertje rent terug naar zijn eigen huis en gaat door de deur en dan op zijn eigen plekje zitten.

Dan begint het spel opnieuw.

Gebruikte bron

Groot Spellenboek van gemeente Zwartewaterland 2012, op 14 maart 2020