Nucleaire reactor spel

In de emmer zit bijzonder radioactief materiaal. Om de wereld te redden moet dit radioactieve materiaal met een speciaal transportmiddel worden overgebracht naar een nucleair afval depot. Als een van de transporteurs het radioactieve materiaal aanraakt, dan is hij dood. Als hij te dicht bij het materiaal komt, dan wordt hij door de straling verblindt. Het radioactieve materiaal in de emmer is gewoon water. Deze emmer wordt voor driekwart gevuld. De inhoud moet, zonder morsen, worden gegoten in een lege emmer die drie meter verderop staat. De manier waarop het afval wordt getransporteerd wordt niet gegeven. Deze moeten de spelers zelf verzinnen door met elkaar over het probleem te discussiëren en een plan van aanpak opstellen. De natuurlijke leiders nemen hier vanzelf de leiding van de planning en de uitvoering. Spelregels

  • Er wordt de spelers een transportmiddel ter beschikking gesteld
  • Niemand mag de emmer aanraken. Je bent onmiddellijk dood en het team heeft dan een mannetje minder (een touw van het transportmiddel is dan niet bemand).
  • Niemand mag binnen een straal van 1 meter van de emmer komen. Op de touwen van het transportmiddel wordt deze afstand aangegeven met een lintje. Kom je er toch, dan wordt de speler verblindt door de straling en krijgt onmiddellijk een blinddoek voorgebonden.
  • De emmer moet worden getransporteerd met behulp van het transportmiddel en ook worden gegoten in de andere emmer met ditzelfde transportmiddel.
  • De touwen van het transportmiddel worden elk aan één persoon toegewezen. Je laat je touw niet meer los en je mag niet ruilen met iemand anders. Wel mag je posities wisselen - maar je laat je touw niet los (dit resulteert dus in gekruisde touwen, hetgeen noodzakelijk is voor het gieten van het water in de tweede emmer).

Je vertelt de spelers alleen over het nucleaire materiaal, waar het materiaal naar toe moet en over de gevaren: niet te dichtbij komen en al helemaal niet aanraken. De gevolgen daarvan worden ook aangegeven. De spelers krijgen dan het transportmiddel en hebben hierna een vastgestelde tijd om een plan van aanpak te verzinnen.

Het (vooraf gemaakte) transportmiddel is eigenlijk een heel eenvoudig apparaat. Maak van een stuk sterk lint een ring dat qua diameter ruim een centimeter groter is dan de diameter van de (rand van de) emmer. Knoop daarna aan de 6 stukken touw (van elk 3 meter lang) een metalen S. Die kun je gemakkelijk maken van een oude metalen kleerhanger of misschien een oude fiets-spin. Haak deze S in de ring van lint waardoor je een soort wiel met spaken krijgt. Knoop dan op één meter afstand van de ring aan ieder touw een zwart lintje. Dichterbij de emmer mogen de spelers nooit komen. Zelfs het aanraken van het lintje is al voldoende om verblind te raken. De linten ring is net wat groter dan de emmer zodat de emmer er doorheen kan vallen. Om dit te voorkomen moeten altijd twee personen aan een touw trekken. Trekt nu een derde persoon per ongeluk aan een touw, dan bestaat de kans dat de emmer door het lint heen valt omdat het lint meer een cirkel vormt.

Als zeskampspel kan dit wel wat lang duren. Volwassenen doen gewoonlijk minstens een half uur over deze puzzel.